Thinking of Holland:
I see broad rivers
flowing slowly through the boundless lowlands.
Lines of impossibly slender poplars,
stretch out to the horizon,
like tall feathered crests.
Submerged in that colossal void
are farmsteads scattered on the soil,
knots of trees,
pollarded steeples, towers and elm,
in grandiose conjunction.
Where the clouds lower, the sun
is slowly stifled
in a grey and motley mugginess.
And everywhere they hear and fear
eternal tribulations
in the voices of the waters.
Denkend aan Holland
zie ik breede rivieren
traag door oneindig
laagland gaan,
rijen ondenkbaar
ijle populieren
als hooge pluimen
aan den einder staan;
en in de geweldige
ruimte verzonken
de boerderijen
verspreid door het land,
boomgroepen, dorpen
geknotte torens,
kerken en olmen,
in een grootsch verband.
De lucht hangt er laag
en de zon wordt er langzaam
in grijze veelkleurige
dampen gesmoord,
en in alle gewesten
wordt de stem van het water
met zijn eeuwige rampen
gevreesd en gehoord.
Hendrik Marsman (1899-1940)
copyright: Uitgeverij Querido